Stofwisseling
Stofwisseling is een verzamelnaam voor alle chemische processen die energie leveren en verbruiken. In het dagelijks taalgebruik gaat het meestal om het totale energieverbruik per dag. Dat verbruik valt uiteen in drie delen.
| Onderdeel | Aandeel | Beinvloedbaar |
|---|---|---|
| Rustmetabolisme | 60 tot 70 procent | Beperkt, vooral via spiermassa |
| Beweging en activiteit | 20 tot 30 procent | Sterk |
| Vertering van voeding | Ongeveer 10 procent | Licht, eiwit kost de meeste energie |
Het rustmetabolisme
Dit is de energie die het lichaam nodig heeft voor hart, ademhaling, hersenen, nieren en lichaamstemperatuur. Het hangt vooral samen met de hoeveelheid vetvrije massa, dus spieren en organen. Daarom heeft een groter en gespierder lichaam een hoger rustmetabolisme.
Wat de stofwisseling verlaagt
- Verlies van spiermassa, meestal het gevolg van te snel afvallen zonder krachtprikkel.
- Langdurig fors te weinig eten. Het lichaam past zich aan door minder te verbruiken, een effect dat adaptieve thermogenese heet.
- Leeftijd, al is dat effect kleiner dan lang werd aangenomen en grotendeels te verklaren door afnemende spiermassa en activiteit.
- Een traag werkende schildklier. Dit is een medische oorzaak die met bloedonderzoek is vast te stellen.
Wat niet werkt. Groene thee, cayennepeper, koud water en supplementen met een metabolisme-boost hebben een meetbaar maar verwaarloosbaar effect. Krachttraining en voldoende eiwit doen wel iets.
Een schatting maken
De calorieenteller op deze site berekent het rustmetabolisme met de formule van Mifflin-St Jeor en vermenigvuldigt dat met een activiteitsfactor. Dat levert een schatting op met een marge van ongeveer tien procent, bruikbaar als vertrekpunt en niet als exacte waarde.